„Om te worden wie je bent, moet je weten wie je bent!”

(C.G. Jung)

Wat is Jungiaans analytische therapie?

Problemen zoals die zich  in het dagelijkse leven voordoen, laten vaak niet hun ware aard zien. In werkelijkheid ligt er dan een andere, dieper gelegen niet direct aanwijsbare en te herkennen oorzaak aan ten grondslag. Dit kan een situatie zijn geweest in het verleden, die een zodanige indruk heeft gemaakt en aanleiding was tot bepaalde gedachten, gevoelens en gedragingen, die later regelmatig, passend of niet, worden herhaald, die vervolgens kunnen leiden van kleinere tot grotere ongemakken in het dagelijkse leven. Dit kunnen lichamelijke en/of psychische klachten zijn, maar ook spanningen binnen de leef- en werkomgeving.

Ieder mens is in principe bezig met Zelfwording; door analytische therapie komt dit proces in een stroomversnelling.
Je wordt niet een ander mens, maar je wordt meer bewust zoals jezelf ten diepste bent.

Een analytisch therapeut werkt met o.a. inzichten uit de psychoanalyse van Sigmund Freud en de analytische psychologie van Carl Gustav Jung. Jung en Freud legden de grondslag van de zogenaamde “dieptepsychologie”. De dieptepsychologie gaat er vanuit dat wij ons van een groot deel van de psyche niet bewust zijn. Het is niet dat wat wij ons bewust zijn, maar juist datgene wat wij ons niet bewust zijn (het zogenaamde onbewuste) dat ons handelen in het dagelijks leven bepaald.

Met behulp van analytische therapie worden niet alleen (verdrongen traumatische) belevingen behandeld, maar ook het waartoe van de klachten komt aan bod. Tijdens deze therapie staat de analyse van onbewuste processen centraal, aangezien maar een klein deel van ons gedrag gebaseerd is op bewuste motieven. Het is daarom belangrijk het onbewuste te leren kennen ofwel bewust van te worden.